Maandag
1 oktober
Taranto aan de Ionische Zee wacht op ons, maar eerst
stoppen we in Grottaglië, bekend vanwege het aardewerk, om
een kijkje te nemen in de keramiekateliers en –winkels.


We komen Taranto binnen
langs het industriegebied en dat is een tegenvaller.
De stad zelf heeft, zoals zovele Italiaanse steden een oud en
een nieuw gedeelte. Het is de Città Vecchia, gelegen op
een eiland en door middel van twee bruggen met de Città
Nuova verbonden, die ons interesseert. De reling van de bruggen
is bezaaid met hangsloten, daar door verliefden aangebracht. Op
het oostelijk punt zien we het Castello Aragonese, waar nu het
hoofdkwartier van de marine gezeteld is. Vele gebouwen zijn in
slechte staat. De bevolking verarmt en de werkloosheid is er hoog.
Jaren geleden kreeg de streek subsidies voor renovatie, helaas,
het geld kwam in de zakken van corrupte ambtenaren terecht en
de stad verkommert steeds meer.
Aan zee zien we nog restanten van de oude Romeinse beschaving.
In de 5 de eeuw voor Christus was Taranto de meest welvarende
stad van Groot-Griekenland.
Taranto laat nu echter een niet zo goede indruk na,
maar al is de stad vervuild, in het restaurant is het net en de
geserveerde vis is lekker.



De terugweg leidt ons langs Martina
Franca, een fraai stadje op de heuvel, het oude stadsgedeelte
in barok en rococo, is helemaal bovenaan.

In ons hotel worden we vergast op een echt afscheidsmaal.
Het gebak is om duimen en vingers af te likken, de kleine inktvissen
met de griezelige armen blijven hier en daar echter wel in het
bord liggen.

Dinsdag 2 oktober
Afscheid van Italië! In de voormiddag gaan sommigen
op verkenningstocht door Ostuni,
de prachtig witte stad op de heuvel. Dat ze wel eens als de mooiste
stad van Zuid-Italië wordt beschreven, is goed te begrijpen.
Kleine witte steegjes slingeren tussen stralend witte huizen omhoog
en naar beneden en daar ergens tussenin op een lieflijk pleintje
torent de kathedraal in laatgotische stijl met een prachtig roosvenster.
Van achter de oude omwalling heb je een prachtig vergezicht. Op
een terrasje genieten we voor de laatste maal van de warme zon;
onze gedachten echter stilaan op het koude noorden gericht.




Na het middagmaal brengt Antonio ons naar Bari. We
herkennen de streek waar we doorrijden : olijfbomen, trulli, groene
cactussen met de rode cactusvijgen. De lucht is blauw
en wit is het licht van de stralende zon.


Heerlijk was de vakantie; lekker de pasta, de vis en
het ijs; uitstekend de cappuccino’s en espresso’s.
De gemoedelijke streek en de deugddoende zon hebben ons hart verwarmd.
Die warmte nemen we mee naar ons thuisland.
Arrivederci Italia!
Cordiale saluti a tutti.

Gerarda Pepermans

Terug naar
het begin
|